06 november 2005

Afscheid


Hij liep door de Leidse binnenstad en wachtte af. Een uur, een middag, ten hoogste zo lang als die wandeling zou duren, dan moest er uitsluitsel zijn. Het was graag of heel niet, zoals zijn moeder altijd zei.
Uit de bakkerij de steeg uit, over het water, Hooglandsekerkgracht over en langs de kerk, dan naar links, Hooigracht, Middelstegracht, Uiterstegracht, toen naar de Hogewoerd en weer terug de stad in; nergens heen, eigenlijk, als het maar lang genoeg duurde om zeker te weten dat er echt niks meer zou komen. Of wel natuurlijk, je wist nooit.
Hij vroeg zich af wat vader en moeder zouden zeggen. Vader was niet zo streng, Remonstrants, veel vrijzinniger had je ze niet. Zijn moeder was serieuzer, Hervormd, ze zou er meer moeite mee hebben. Nou ja, ze zou hem niets in de weg leggen. Ze preekte niet, ontving zonder klagen wat haar gegeven werd, zich oprecht verwonderend over wat er op haar pad kwam. Hoe dan ook, het was zijn beslissing, wat ze er ook van vonden.

Hij wist zelf eigenlijk niet wat er moest komen, maar dat zou vast duidelijk worden als het kwam. En als er niets kwam, wat verreweg het waarschijnlijkste was, hoefde hij zich daar al helemaal geen zorgen over te maken.
Het was misschien een wat eenzijdige afspraak, maar het was duidelijk genoeg: als God bestond en wilde dat hij erbij zou blijven, moest Hij maar een teken geven, en dan zou hij belijdenis doen. En zo niet... nou ja, dan niet.

1 Commentaren:

Blogger Lennard said...

Ja, zinloos wachten dus. God geeft geen tekens op verzoek. Ik weet dus ook niet of 'Hij' bestaat. Maar soms gebeuren er dingen waarvan je zou kunnen denken "Dat doet 'Hij' goed"

En zo'n belijdenis is ook maar een ritueel.

9/11/05 20:27  

Een reactie plaatsen

<< Home